Diva Anjo: al 15 jaar een trotse Diva

Vijftien jaar Diva Dichtbij. Een indrukwekkend getal. Voor Anjo zelf zit de betekenis daarvan niet zozeer in de aantallen, maar in alle kleine, kostbare momenten die die jaren hebben gevormd. “Dan hoor ik zo’n getal en dan denk ik: wauw, zoveel mensen voor wie ik heb gezongen,” zegt ze. “Maar uiteindelijk gaat het om al die losse momenten. Eén moment van contact, van verbinding. Even elkaar in de ogen kijken en dan is het eigenlijk alleen nog maar hier en nu.”

Dat hier en nu is voor Anjo de kern van haar werk voor Diva Dichtbij. Zodra ze een huiskamer binnenstapt en begint te zingen, valt de rest weg. “Wat ik zo heerlijk vind, is dat ik dan in een soort flow kom,” vertelt ze. “Er is absoluut geen enkele ruimte om aan je boodschappen te denken of aan iets anders. Dat is onmogelijk. Je bent helemaal aanwezig in het moment.” Soms zo sterk zelfs, dat ze na afloop even moet schakelen. “Dan kom ik de ruimte uit en denk ik: waar zijn we ook alweer? Welke kant moet ik op? Dan ben ik echt helemaal de weg kwijt.”

Totale aanwezigheid
Juist die totale aanwezigheid maakt het werk voor haar zo waardevol. Je komt iets brengen, zegt ze, maar je krijgt ook veel terug. “Je komt niks halen, maar je krijgt wel wat. En wat je terugkrijgt is een geluksmoment en een moment van verbinding. En met alles wat we in deze tijd hebben en kunnen, is dat misschien nog wel het meest kostbare.”

Een heel bijzonder moment
In al die jaren heeft Anjo talloze bijzondere momenten meegemaakt. Eén daarvan was met een man met Parkinson. Toen ze binnenkwam, zat hij diep voorovergebogen in zijn rolstoel. Er leek weinig contact mogelijk. “Ik had eerst al een liedje voor hem gezongen, Droomland, en dat was wel oké, maar niet meer dan dat,” vertelt ze. Later tijdens het optreden koos ze voor een ritmisch jazznummer, iets als Cheek to Cheek of Fly Me to the Moon. Toen gebeurde er iets onverwachts.
“Ik zag ineens zijn tenen bewegen,” zegt Anjo. Ook de verzorgenden merkten het op. Even later ging de man rechterop zitten. Ze pakte zijn handen vast, en omdat hij zelf al in een opgaande beweging zat, begreep de verzorging meteen wat er gebeurde. Met hulp kwam hij overeind. “En toen stond hij daar gewoon te dansen,” vertelt Anjo. “Hij tilde zijn voeten niet heel hoog op, maar zijn hele lichaam ging mee: zijn heupen, zijn schouders. En hij maakte contact met mij.” De verzorgenden stonden perplex. Voor Anjo was juist het contrast zo indrukwekkend. “Dat iemand eerst zo in zichzelf gekeerd lijkt en dan ineens helemaal tot leven komt. Dat was echt een heel bijzonder moment.”

Kleine veranderingen zijn groots
Ook kleine veranderingen kunnen groots zijn. Zo zong Anjo enkele weken geleden voor een vrouw die nog maar één woord gebruikte: “die”. Meer zei ze niet. Tijdens het zingen besloot Anjo daarop aan te sluiten. Ze verwerkte het woord in haar lied en begon ermee te spelen, nodigde de vrouw uit om mee te doen en lokte haar voorzichtig uit om ook in toonhoogte wat te variëren. “We gingen samen ‘die, die, die’ doen,” vertelt ze. “En op een gegeven moment zei ze ineens: ‘goed’.”
Voor de verzorging was dat een verrassing. Zij hadden haar nog nooit een ander woord horen zeggen. “Als er zo weinig is, dan is elke verandering al een enorme verandering,” zegt Anjo. Het zijn precies dit soort momenten die voor haar laten zien wat muziek en afstemming kunnen openen.

Afstemmen op het moment
Afstemmen is voor Anjo misschien wel het belangrijkste woord in haar werk. Natuurlijk houdt ze van zingen en kan ze genieten van uitpakken, maar altijd moet het passen bij degene tegenover haar. “Als het klein moet, dan gaat het klein,” zegt ze. “Die ruimte, die flexibiliteit, dat afstemmen: dat is het meest bijzondere wat je kunt doen.”
Soms zit die afstemming juist in iets heel subtiels. Zoals spiegelen, een manier van contact maken die haar erg dierbaar is. Ze vertelt over een vrouw die aan de andere kant van de kring zat en tijdens het zingen met haar vingers de melodie leek te dirigeren. Anjo nam die beweging over, van een afstandje, en kwam al zingend langzaam dichterbij. Uiteindelijk raakten hun handen elkaar en bewogen ze samen verder in hetzelfde ritme. “Verbinding hoeft niet altijd helemaal vasthouden te zijn,” zegt ze. “Het kan ook heel mooi zijn als je elkaar juist niet aanraakt. Dat spelen met wat er is, dat is gewoon heel erg leuk.”

Dit werk maakt gelukkig
Dat is meteen ook waarom ze het na vijftien jaar nog steeds met zoveel liefde doet. “Het houdt je flexibel en lenig,” zegt ze. “Het is elke keer weer anders. Je begint eigenlijk altijd opnieuw, bij nul. Je moet je ego bij de deurmat leggen en kijken: wat is er hier, en hoe kan ik daarop inhaken?” Die houding heeft niet alleen haar werk bij Diva Dichtbij gevormd, maar ook haar persoonlijk. “Diva Dichtbij heeft me echt gelukkiger gemaakt,” zegt ze. “Ik ben persoonlijker geworden in mijn contacten, privé en in ander werk. Ik heb veel geleerd van wat ik hier meemaak.” Zingen was voor haar altijd al iets wat geluk bracht, maar juist de combinatie met echt contact en afstemming heeft haar diep geraakt.

Vijftien jaar zingen met aandacht
Voor de komende jaren hoopt Anjo vooral dat ze dit werk nog lang mag blijven doen. “Ik hoop dat mijn stem goed blijft en dat ik nog een aantal jaren mag aanhaken,” zegt ze. Want zolang haar stem haar draagt, wil zij met haar muziek blijven doen waar het bij Diva Dichtbij om draait: contact maken, aansluiten, en in het hier en nu even echt van betekenis zijn.
Vijftien jaar Anjo bij Diva Dichtbij staat daarmee voor veel meer dan een lange staat van dienst. Het staat voor vijftien jaar zingen met aandacht. Vijftien jaar meebewegen, spiegelen, afstemmen en verbinden. Of, zoals zij het zelf misschien het mooist zegt: steeds weer terug naar dat ene moment waarop de rest even wegvalt en alleen het contact overblijft.